Je winkelwagen is momenteel leeg
De Elisabeth Blouse wordt van boven naar beneden gebreid. Eerst wordt de kraag gebreid, op zo’n manier dat de tricotsteek zichtbaar is met de GK naar buiten zowel aan de voorkant als aan de achterkant. Daarna wordt het eerste deel van de pas gebreid op een rondbreinaald in heen en weergaande toeren met raglan meerderingen. Steken worden opgenomen en gebreid langs de rand van de pas, en een dubbel-gebreide rand wordt erlangs gebreid, voordat de rest van de pas in het rond wordt verbonden en afgemaakt. De halslijn wordt gevormd met verkorte toeren.
De volgende technieken worden gebruikt in dit patroon: Judy’s Magic Cast On, German Short Rows, dubbel breien en de Italiaanse afkant-techniek. Begin met het maken van een proeflapje om vast te stellen met welk naald je de juiste stekenverhouding krijgt.
Stekenverhouding: 23 stn x 32 rijen = 10 x 10 cm in tricotsteek op 4 mm naalden